Met een omzetaandeel van 60 procent is object- en fabrieksbeveiliging het grootste marktsegment van de particuliere beveiligingsdiensten. In de afgelopen 20 jaar zijn er tal van nieuwe taken bijgekomen in de openbare ruimte, zoals in de detailhandel, het openbaar vervoer, als stadsbewaking in gemeenten of bij evenementen- en ordediensten. Maar ook in ziekenhuizen, openbare gebouwen of arbeidsbureaus wordt steeds meer behoefte aan beveiligingsmedewerkers geconstateerd. De coronapandemie heeft door toegangscontroles of afstandscontroles bij openbare instellingen, koortsmetingen en de bescherming van ordediensten in vaccinatiecentra extra taken voor de beveiligingsbranche gecreëerd. De omzet in de coronajaren 2020 en 2021 is met respectievelijk 6,8 en ongeveer 9 procent gestegen. In totaal zal de beveiligingsbranche dit jaar waarschijnlijk voor het eerst een omzet van meer dan 10 miljard euro behalen.
De beveiligingssector groeit Het aantal werknemers is gestegen van 80.000 in 1990 tot ongeveer 260.000 mensen. Daarvan zijn ongeveer 25.000 werkzaam in de luchtvaartbeveiliging en 10.000 in geld- en waardetransport. Daarnaast zijn er 4.000 detectives en 9.000 werknemers in bedrijven die bewakings- en alarmsystemen leveren. Dit marktsegment wordt steeds belangrijker. Tegen de achtergrond van deze differentiatie zijn er ongeveer 212.000 beveiligingsmedewerkers werkzaam in de “klassieke beveiligingsdiensten”, waarvan 130.000 in de 1.000 aangesloten bedrijven van de Bundesverband der Sicherheitswirtschaft (BDSW, Federale Vereniging van de Beveiligingssector). De BDSW is de enige werkgeversorganisatie in de branche die cao’s sluit met de vakbonden.
Ik ga ervan uit dat het belang van de beveiligingssector in de toekomst verder zal toenemen. De behoefte aan bescherming van burgers, het bedrijfsleven, de staat en overheidsinstellingen zal verder toenemen. Eigen voorzorg wordt ook op het gebied van veiligheid steeds belangrijker. Beveiligingsmedewerkers worden steeds vaker ingezet voor de bescherming van hun medemensen in “conflictgevoelige” activiteiten en lopen daardoor zelf vaak een verhoogd risico op arbeidsongevallen. De bereidheid tot geweld in de samenleving neemt toe. Uit de cijfers van de wettelijke ongevallenverzekering blijkt dat steeds meer werknemers in de sector het slachtoffer worden van ‘conflictongevallen’. Om deze te voorkomen zijn er enkele maatregelen genomen die deel uitmaken van de ongevallenpreventievoorschriften. Ook de body-cam zou in de toekomst deel kunnen uitmaken van dit pakket maatregelen.
Wat houdt de ongevallenpreventievoorschrift voor bewakings- en beveiligingsdiensten in? In Duitsland speelt de wettelijke ongevallenverzekering (DGUC) een grote rol in de arbeidsveiligheid. Deze wordt uitsluitend gefinancierd door werkgeversbijdragen. Om de veiligheid en gezondheid van de werknemers te beschermen en te behoeden voor arbeidsongevallen, vaardigt de DGUV ongevallenpreventievoorschriften uit, die preventiemaatregelen en werkgeversverplichtingen voorschrijven. Deze voorschriften hebben dus ook indirect invloed op de wijze waarop de dienstverlening wordt uitgevoerd. De beveiligingsbranche houdt zich aan DGUV-voorschrift 24 voor bewakings- en beveiligingsdiensten. Voor medewerkers in de beveiligingsbranche geldt dat naast het wegnemen en voldoende beveiligen van gevaarlijke plekken ook toezicht op hun werkzaamheden vereist is, voor zover zij aan bijzondere gevaren worden blootgesteld. Bovendien moeten de te beveiligen objecten regelmatig op gevaren worden gecontroleerd. Bij de instructie over deze objecten moet aandacht worden besteed aan specifieke gevaren. Bovendien moet de uitrusting van het beveiligingspersoneel in goede staat verkeren. Arbeidsongevallen kunnen tal van oorzaken hebben, maar opvallend is de toename van confrontatieongevallen, die hieronder aan de orde komen.
Confrontaties als veelvoorkomende oorzaak van arbeidsongevallen Zoals reeds vermeld, worden werknemers van particuliere beveiligingsdiensten steeds vaker ingezet voor “conflictgevoelige” activiteiten, waardoor ook het aantal arbeidsongevallen toeneemt. In de openbare dienst kan 5% en in de commerciële sector 1,8% van de arbeidsongevallen worden toegeschreven aan de categorie “geweld, aanval, bedreiging”. Uit het VBG-Securityreport 2018, dat de ongevallen in de sector “beveiligingsdiensten” analyseert, blijkt dat confrontaties als oorzaak van ongevallen aanzienlijk zijn toegenomen (1988: 6,8% van de oorzaken van ongevallen, 2018: 34,95%). Hieronder vallen alle fysieke aanvallen op beveiligingspersoneel door derden. Vooral winkelrechercheurs (25%), medewerkers van het openbaar vervoer (22%) en beveiligingspersoneel in wooncentra of opvangcentra voor vluchtelingen (18%) hebben te maken met veel confrontatieongevallen.

In totaal zijn er 15.000 mensen werkzaam als winkelbeveiligers of shopguards. Hun belangrijkste taak is het aanhouden van daders (vooral diefstallen) en het noteren van hun personalia. Vaak proberen de daders te vluchten of worden ze agressief tegen de beveiligers, die ter verdediging traangas mogen gebruiken. Naast val- en struikelongevallen bij het achtervolgen van vluchtende dieven, valt 76% van alle arbeidsongevallen onder de categorie “confrontaties”. 

In het openbaar vervoer zijn 8.000 mensen werkzaam, onder andere bij de kaartjescontrole, als begeleiders in bussen, metro’s, trams en treinen of bij de controle van stations en haltes. Bij al deze activiteiten kunnen confrontaties ontstaan waarbij het personeel gewond raakt. 74% van alle ongevallen in het openbaar vervoer valt onder de categorie “confrontaties”. Het personeel loopt vooral gevaar bij contact met dronken passagiers; ook het handhaven van het huisrecht brengt een verhoogd risico met zich mee dat er conflicten met groepen ontstaan.
De premieprocedure van de VBG Ter voorkoming van arbeidsongevallen beloont de beroepsvereniging VBG al vele jaren haar aangesloten bedrijven die naast hun wettelijke verplichtingen ook speciale maatregelen nemen om ongevallen te voorkomen en de gezondheid te behouden. Het maximumbedrag van deze premieprocedure bedraagt 10.000 euro plus 1/1000 van het opgegeven loon- en salarisbedrag, met een maximum van 50.000 euro. Medische en investeringskosten worden voor 40% vergoed. De premieprocedure voorziet onder meer in de volgende maatregelen: speciale rijveiligheidstrainingen voor patrouille- en streekbestuurders. Voor veiligheidsmedewerkers in conflictgevoelige functies: de-escalatietrainingen om in noodsituaties stress te verminderen en het hoofd koel te kunnen houden. Bovendien wordt persoonlijke beschermingsuitrusting, waaronder steek- en slagwerende vesten en enkellaarzen, financieel ondersteund door de VBG. Ook een hepatitis A- en B-vaccinatie voor beveiligingsmedewerkers kan worden gesubsidieerd. Een aanvullend onderdeel van de premieprocedure omvat noodsignaalapparatuur, ongevalsgegevensopslag en botsingswaarschuwingssystemen. De auteur heeft er bij verschillende instanties van de VBG al op gewezen dat bij een herziening van de premieprocedure ook body-cams vanwege hun preventieve werking financieel moeten worden gesubsidieerd als aan de voorwaarden wordt voldaan. ## Wat zegt de DSK-richtlijn van de toezichthoudende autoriteiten voor gegevensbescherming over het gebruik van body-cams door particuliere beveiligingsbedrijven?
Op 22 februari 2019 heeft de Datenschutzkonferenz (DSK) een richtlijn gepubliceerd over het gebruik van body-cams door particuliere beveiligingsbedrijven. Daarin staat dat het opnemen van beeld en geluid met behulp van een body-cam een gerechtvaardigd belang moet dienen. Voordat de body-cam wordt gebruikt, moet daarom worden nagegaan welk doel met de body-camopname wordt nagestreefd. De richtlijn noemt de volgende gerechtvaardigde belangen: “De bescherming van het eigen personeel tegen geweld, de identificatie achteraf van een verdachte en het veiligstellen van bewijsmateriaal voor de vervolging van civielrechtelijke vorderingen”. Daarentegen vormt ondersteuning bij strafrechtelijke vervolging geen eigen gerechtvaardigd belang bij de invoering van body-cams. Het gebruik van body-cams is echter mogelijk in situaties waarin personen zich agressief gedragen of een situatie dreigt te escaleren. De DSK geeft in haar richtlijn aan dat objectief moet kunnen worden aangetoond dat body-cams geschikt zijn om de bovengenoemde doelen te bereiken. Er wordt gevraagd of body-cams door een subjectief mogelijk afschrikkend effect effectief een strafbaar feit kunnen voorkomen. Bovendien moet ook rekening worden gehouden met een mogelijk provocerend effect op potentiële daders. De richtlijn adviseert om belangen zoals persoonlijkheidsrechten goed af te wegen en body-cams alleen te gebruiken als het gebruik ervan geschikt en noodzakelijk is. Verder benadrukt het de belang van transparantie: de personen die worden gefilmd, moeten bijvoorbeeld vóór het begin van de opname worden geïnformeerd over het gebruik van de body-cam. ## Wat moet er veranderen om body-cams een grotere rol te laten spelen in de arbeidsveiligheid?
Body-Cams moeten een grotere rol gaan spelen in de arbeidsveiligheid, omdat ze een effectief middel zijn om werknemers te beschermen. Daarom is het dringend noodzakelijk dat ze als maatregel worden opgenomen in de voorschriften voor ongevallenpreventie. Bovendien moeten er meer gesprekken plaatsvinden met de gegevensbeschermingsautoriteiten om samen de kijk op body-cams te veranderen in een positievere richting. Er zijn al talrijke voorbeelden waarbij body-cams worden gebruikt in overeenstemming met de privacywetgeving en veel beveiligingsmedewerkers en hun werkgevers melden een aanzienlijke daling van het aantal aanvallen sinds ze de body-cam dragen. Elke beveiligingsmedewerker zou gebruik moeten kunnen maken van deze positieve ervaringen, zodat in de toekomst nog meer confrontaties kunnen worden voorkomen.